sans rancune

 
 

Mijn leven heeft zin. Ik besta. En dat onafgebroken sinds 9 oktober 1952. Misschien daarvoor al, maar daar staat me niets van bij. Ik wilde eigenlijk de moederschoot niet verlaten (m’n gezicht staat nog altijd een beetje uit het lood met zichtbare tekens van de verlostang waarmee ik naar buiten ben getrokken) en ik verdenk nog altijd m’n tweelingbroer er van dat hij een rol heeft gespeeld bij m’n gedwongen uitzetting. De weg terug was geblokkeerd. Toch geen spijt dat ik het wel gedaan heb, zoals met veel dingen later in m’n leven. Daarom “sans rancune”.

Het is te simpel om te stellen dat de zin van mijn leven bestaat uit het leveren van een positieve bijdrage aan het leven van m’n naasten en hen die ik lief heb. Er zit ook een groot egoïstisch element in m’n bestaan. Dat heeft er misschien voor gezorgd dat niet alles is verlopen zoals ik dat in gedachten had.

M’n leven is begonnen in Haarlem. Ik ben geboren in de Florakliniek aan het Florapark. Een echte mug dus.

   


De (voormalige) Florakliniek


Het verhaal gaat dat m’n ouders verrast werden door de geboorte van een tweeling, dat m’n vader in eerste instantie alleen mij mee kreeg en later moest terugkomen om ook voor m’n broer te betalen, waarna hij ook mee kon.





Links ik, rechts Nico



We hebben eerst gewoond boven de kroeg van m’n opa in de Anegang tegenover de C&A. Vrij snel daarna zijn we verhuisd naar de Klarenbeekstraat in de Leidsebuurt, waarvan ruim twaalf jaar op een bovenwoning op nummer 51 rood. In 1965 bestond het gezin van m’n ouders uit 8 personen en werd de situatie onhoudbaar. Er werd ons een spiksplinternieuwe ééngezinswoning toegewezen op de hoek van de Alexander Flemingstraat in Schalkwijk (nieuwbouwbuurt in Haarlem), waar m’n moeder tot juli 2007 heeft gewoond.


Ik heb een goede jeugd gehad. Wel vraag ik me vaak af wie me eigenlijk heeft opgevoed? Wie heeft mij normen en waarden bijgebracht? Wie heeft mij geleerd te oordelen? Hoe is mijn geweten ontstaan? Ik denk dat er voor m’n vorming twee factoren een doorslaggevend rol hebben gespeeld. De eerste is de aanwezigheid van een super klankbord in de vorm van m’n tweelingbroer met wie ik nog steeds een andere en zeer speciale band heb vergeleken met de rest van m’n familie. Het heeft een jaar of veertig geduurd voordat ik me realiseerde dat het eerste contact met de wereld, de eerste paar dagen, weken en maanden in iemands leven het allerbelangrijkst zijn voor iemands opvoeding.  Ik denk dat de aanwezigheid van m’n tweelingbroer de ontwikkeling van m’n persoonlijkheid in hoge mate heeft beïnvloed. Of dit ook wederzijds zo is, kan ik niet zeggen.


De tweede is het onderwijs dat we hebben genoten. M’n vader nam alleen genoegen met wat hem beviel en dat was niet veel. Ik denk vaak dat hij voor ons de kansen heeft geregeld die hijzelf niet heeft gekregen door bijvoorbeeld de oorlog. We zijn naar scholen geweest waar het in het verleden niet mogelijk was om te worden toegelaten. Wat hielp was dat we ook onze best deden, leren makkelijk en leuk vonden en alle testen met uitstekend resultaat doorstonden.

De rol van m’n ouders staat buiten kijf, maar ik denk dat er al snel een punt was bereikt, waarbij zij ons met rust hebben gelaten. Het zat wel goed. 


Wat wil je later worden? Ik wist het toen ik een jaar of dertien was. Architect. Huizen ontwerpen en bouwen. Drie, vier jaar later wist ik het niet meer en nu weet ik het nog steeds niet. Ja, een goede vader, gelukkig met een lieve vrouw en een paar schatten van kinderen. Het laatste is goed uitgekomen. Bij het eerste heb ik twijfels. Ik heb drie lieve vrouwen gekend in m’n leven, twee in Nederland en eentje in Frankrijk. Ik denk aan alledrie met vooral veel goede herinneringen terug. Misschien ben ik toch te gewoontjes en te saai om met een partner goed uit de voeten te kunnen.


Ik moest toch in dienst en wilde ook wat van de wereld zien. Dat is gelukt. Na bijna 36 jaar bij het Korps Mariniers te hebben gewerkt, ben ik op 1 mei 2007 met functioneel leeftijdsontslag gestuurd. En nog steeds weet ik niet wat ik zou willen doen. Er is een droom. Een leven zonder frictie samen met een lieve vriendin en een eigen boot, maar dan wel zeewaardig en geschikt om voor langere duur op te verblijven, bij voorkeur in de Stille Oceaan. Het Caraïbische gebied heb ik ook altijd prettig gevonden. Had ik toch miljonair moeten worden. Merde.

 

welkom in mijn leven   

Reacties, vragen, opmerkingen en correcties gaarne naar kayvangijtenbeek@gmail.com